14-12-25 Thuisgroep 14-20 dec. Ebed-Melech
Je bekijkt een toolbox van één van onze thuisgroepen. Als gemeente vinden we het belangrijk om samen te leren leven als Jezus. Dat doen we o.a. in thuisgroepen. Maak je daar nog géén deel van uit? Mail naar thuisgroep@opdoortocht.nl
Dit heb je nodig:
-
Bijbel
-
Laptop / Telefoon
INTRO (5)
Tijdens de adventsperiode staan we stil bij de prekenserie: ‘God schenkt Leven’. We zijn gestart met het bijzondere verhaal van koning Manasse, die slecht deed in de ogen van God toen tot inkeer kwam en door God werd vergeven. Vervolgens hoorde we het verhaal van Rachab die de moed had verspieders te beschermen en door haar geloof in God, schenkt God haar familie redding. Vandaag besteden we aandacht aan nog een buitengewoon verhaal. Het verhaal van Ebed-Melech. Een dienaar van de Judeese koning Sedekia. Ebed-Melech was als vreemdeling, een bijzonder persoon op een bijzondere plek.
GEBED & CHECK-IN (10)
Het is bijna Kerst en Oud & Nieuw, waarschijnlijk is dit de laatste keer dat je als Thuisgroep bij elkaar komt dit jaar. Neem met elkaar even de tijd om terug te kijken op afgelopen seizoen:
- Wat waren momenten van vieren en/ of met blijdschap op terug te zien?
- Wat waren de uitdagingen/ momenten van moeite of verdriet?
Dank voor het goede, bidt voor de zorgen die er zijn en bidt voor elkaar.
LEES & VERKEN | Verken met elkaar het tekstgedeelte (30)
We gaan met elkaar lezen over een zekere Ebed-Melech, die leefde zo’n 2600 jaar geleden. Hij kwam oorspronkelijk uit Nubië, het huidige Ethiopië/Soedan, maar leefde in Jeruzalem aan het hof van koning Sedekia. Zijn verhaal staat in Jeremia 38 en 39. Voor sommigen zal hij als een voetnoot de wereldgeschiedenis in gaan, maar zijn heldhaftige geloofsdaad maakt dat we vandaag over hem spreken. We weten weinig van hem, het kan zelfs zijn dat Ebed-Melech (‘Ebed’ is ‘Dienaar’, ‘Melech’ is ‘Koning’, naam betekent ‘Dienaar van de koning’) niet zijn echte naam is, maar zijn titel. We weten niet hoe hij vanuit Ethiopië terecht is gekomen op een hoge plaats aan het hof van de koning in Jeruzalem. Ondanks zijn achtergrond had hij groot vertrouwen in de God van de Joden. Hij erkende Jeremia als de profeet/dienaar van God en voelde de ongehoorzaamheid en afgoderij van de Joden en nam op het juiste moment actie.
Jeremia was een profeet van God en hij moest tegen de koning Sedekia in Jeruzalem; zijn regering en het volk zeggen dat God hen zou straffen vanwege hun kwaadaardige afgoderij. In plaats van alleen de God van Abraham, Jakob en Isaak te eren en te dienen, hadden ze allerlei afgoden in en om Jeruzalem opgesteld om te aanbidden en werden er zelfs kindoffers gebracht. Jeremia waarschuwt, maar spreekt ook Gods oordeel uit en dat maakte hem niet geliefd. In plaats van naar hem te luisteren en zich te bekeren, probeerden ze hem het zwijgen op te leggen, ze martelden hem en gooiden hem in de gevangenis. Maar Jeremia blijft Gods Woorden spreken.
Jeremia 38 | 4-13
4 De raadsheren zeiden tegen de koning: ‘Die man moet ter dood gebracht worden. Door zulke dingen te zeggen ondermijnt hij immers het moreel van de inwoners en van de soldaten die hier nog overgebleven zijn. Hij heeft niet hun behoud voor ogen, maar hun ondergang.’ 5 Koning Sedekia antwoordde: ‘Doe met hem wat je wilt; ik kan jullie niet tegenhouden.’ 6 Ze brachten Jeremia naar de waterkelder van prins Malkia, in het kwartier van de paleiswacht, en lieten hem aan touwen zakken. In de put stond geen water meer; er was alleen modder, waarin Jeremia wegzakte. 7 Ebed-Melech, een hoveling afkomstig uit Nubië, hoorde daarvan. Hij bevond zich in het koninklijk paleis, terwijl de koning zitting hield in de Benjaminpoort. 8 Ebed-Melech verliet het paleis, ging naar hem toe en zei: 9 ‘Mijn heer en koning, het is misdadig dat deze mannen Jeremia in een waterkelder hebben gegooid. Waarom moet hij juist daar van honger omkomen? Elders in de stad is ook geen brood meer.’ 10 De koning beval Ebed-Melech: ‘Ga met dertig man naar die waterkelder en haal Jeremia naar boven, voordat hij sterft.’ 11 Ebed-Melech riep toen dertig man bij elkaar en ging naar de kelder van het magazijn van het koninklijk paleis, waar hij wat versleten kleren en oude lappen haalde. Hij liet deze aan touwen naar Jeremia in de put zakken 12 en zei tegen hem: ‘Stop die kleren en lappen onder uw oksels en haal de touwen eronderdoor.’ Jeremia deed wat hij zei, 13 en zo trokken ze hem uit de put omhoog. Vanaf dat moment verbleef hij weer in het kwartier van de paleiswacht.
Vragen:
- Wat doet Ebed-Melech wanneer hij verneemt dat andere dienaren Jeremia in een diepe waterpunt hebben gegooid en Jeremia dreigt te verdrinken?
- Ebed-Melech betekend ‘Dienaar (Ebed) van de Koning’ (Melech) hoe komt de betekenis van zijn naam in uiting in dit tekstgedeelte?
- Wat gebeurt er met de hoofdrolspelers na deze actie? (De koning, Ebed-Melech, Jeremia)
VERDIEP | Verdiep en deel waar en hoe dit jouw leven raakt (30)
Bestaat je groep uit 7 of meer personen? Deel de groep dan op in groepjes van 3 à 4 personen. (Benoem hoeveel tijd je hiervoor neemt, kom daarna weer bij elkaar als gehele groep).
Ebed-Melech koos ervoor God boven alles lief te hebben en te gehoorzamen en dus redde hij Jeremia. Daar was moed voor nodig, omdat het tegen machtige, onrechtvaardige leiders in Jeruzalem inging en dus gevaarlijk kon zijn.
Kort daarna, wanneer Jeruzalem — zoals Jeremia had geprofeteerd — door de Chaldeeën/Babyloniërs wordt ingenomen en verwoest, en vele inwoners worden gedood of als ballingen naar Babel worden weggevoerd, spaart God Ebed-Melech. Lees Jer. 39:15-18.
- Ondanks de mogelijke gevaren en dat hij anders was ondernam Ebed-Melech direct actie om iemand in nood te helpen. God beloonde hem voor zijn moedige en directe actie. Wat kunnen wij hiervan leren en toepassen in ons eigen leven?
- Is er iemand in jouw leven geweest die net als Ebed-Melech jou Gods redding heeft aangereikt?
- Wie was voor jou, afgelopen jaar een ‘Ebed-Melech’? Wie hielp jou? Wie nam het voor jou op?
- En dan misschien wat spannender: voor wie ben jij als een Ebed-Melech? Door iemand een helpende hand toe te steken, door voor iemand te bidden of door iemand te wijzen op Jezus?
Ebed-Melech vertrouwde op God, wilde Hem dienen. Dit is voor hemzelf en vele, vele anderen tot zegen geweest. Misschien nu ook zelfs voor jou.
AFRONDING (5)
Rond met elkaar de ontmoeting af met gebed. We geloven dat God ons hoort als we bidden.
Sta met elkaar stil bij het afgelopen jaar en neem dit mee in gebed. Dank God voor het goede en bidt voor de uitdagingen en zorgen.
Neem voor jezelf een actiepunt mee uit het leven van Ebed-Melech dat je als goed voornemen mee kan nemen naar het nieuwe jaar.











